(Op)voeding

De Hollandse Herdershond als pup, puber en volwassen hond.

 

Inleiding

Om nieuwe eigenaren te begeleiden in de (op)voeding geven wij onze visie op een aantal aspecten: voeding, puptraining, pubertijd en volwassen leeftijd. Ook via hondenscholen, kynologenclubs en Internet is veel informatie te verkrijgen. Vaak is deze informatie algemeen en minder specifiek voor de Hollander.

Onderscheidt een Hollander zich dan zo sterk? Normaal gesproken niet, maar de Hollander heeft in bepaalde opzichten een wat andere aanpak nodig dan de meeste rassen. Vooral in de opvoeding komt dit naar voren: zijn gevoeligheid maakt, dat rustig maar consequent gehandeld moet worden, waarbij het spelelement zeer sterk wordt benadrukt.

Tegelijkertijd moet de meer dan gemiddelde dominantie van een groot gedeelte van de populatie niet worden vergeten/onderschat: leiding geven door de eigenaar. Wordt geen of onvoldoende leiding gegeven, dan zal de Hollander zelf leiding gaan nemen. Opmerkelijk? Nee, in zijn basis functie was de Hollander een soort manusje van alles: hoeden van de schapen, bewaken van het erf, (weg)jagen van wild en ongedierte. Kortom veel zelfstandige taken die hij zonder instructie diende te volbrengen. Dit alles heeft de Hollander gevormd.

 

Een zeer handig en praktisch hulpmiddel bij de opvoeding van de pup is de bench. Dit is beslist geen zielig, dieronvriendelijk hok, maar zal door juist gebruik eerder als een vertrouwde omgeving functioneren. Vooral de eerste dagen niet, maar dan ook echt niet reageren, wanneer de pup in de bench begint te piepen. Negatieve aandacht (nee, stil zijn, foei) is ook aandacht en op die manier krijgt de pup toch zijn zin!

Leg in de bench een kleed en geef ook de eerste maanden de maaltijden in de bench. Plaats de bench ergens in huis waar de pup u kan zien, zo houdt u contact en zal de pup zich niet weggestopt voelen. Bij ons in de woonkamer staan standaard twee benches waarvan de deuren open staan. Als wij aan tafel zitten, ligt Porsche vrijwel altijd erin, geheel vrijwillig. Ook bij visite of als zij rust wil hebben, gaat zij naar de bench.

Een ander voordeel van een bench is dat aan (kleine) kinderen snel kan worden geleerd, dat als de hond in de bench ligt, hij met rust moet worden gelaten.

 

Voeding

Geen onderwerp is controversiëler dan voeding van honden om nog maar te zwijgen over supplementaire voeding. In de loop der jaren zijn inzichten veranderd en spelen fabrikanten in op de emotionele aspecten van hondenvoeding. Mensen willen hun hond graag vaak iets “lekkers” geven en in de handel zijn dan ook talloze snoepjes, kluifjes enzovoort te verkrijgen. Op zich niets mis mee, maar let op de dosering, vooral als de hond nog jong is of juist op oudere leeftijd wanneer een hond vaak wat dikker wordt.

Voor de dagelijkse hap kan grofweg een keuze worden gemaakt tussen vers, zelf gemaakt voer, brok en diepvriesvoer. De keuze is aan u, zelfgemaakt vergt kennis en tijd. Brok is gemakkelijk terwijl wij zelf goede ervaring hebben met diepvriesvoer. Zelf geven wij de voorkeur aan Rodi of Duck diepvriesvoer. De aanbevolen hoeveelheden voer op de verpakkingen zijn bijna altijd hoger dan voor een Hollander wenselijk is. Vanwege zijn achtergrond (opgroeiend bij arme boeren) is de moderne Hollander een sobere eter.

Het is aan te bevelen om de eerste twee jaren van de hond een goede kwaliteit voer te geven. De groei eist veel van de voeding. Na deze periode kan eventueel op een goedkoper supermarktvoer worden overgestapt.

 

Pups vanaf acht weken oud kunnen als volgt worden gevoed:

´s morgens: 1e maaltijd + 50mg vitamine C (vaak 1 tablet)

´s middags: 2e maaltijd

´s avonds: 3e maaltijd + 1 schep Hokamix

Rond 23.00 uur: 1/2 –1 schijf Rodi

Eens per week een hard gekookt ei. Hebt u gekookte groenten over? Geef het uw pup. Ook een stukje appel of banaan mag gerust worden gegeven, maar let erop dat uw hond niet gaat schooien. Geef de restjes altijd in de bak van de hond, dit voorkomt schooien. In het begin lijkt dit misschien vertederend maar op volwassen leeftijd of bij bezoek is dit zeer ongewenst.

 

Groot voordeel bij de laatste maaltijd is dat het diepvriesvoer voldoende vocht bevat om de nacht door te komen. Doe de pup na de laatste korte wandeling in de bench met het bakje voer en de zindelijkheidstraining zal een stuk gemakkelijker gaan.

Genoemde hoeveelheden zijn globale richtlijnen, kijk altijd hoe de conditie van de pup is. Zijn de ribben erg gemakkelijk te voelen of te zien dan zal er meer gevoerd moeten worden. Maar let op: een schraal gevoerde pup is beter dan een dikke pup!

 

Vanaf de twaalfde levensweek kan het aantal maaltijden terug worden gebracht naar drie. Bouw geleidelijk de hoeveelheid voer op. Eventueel kan de maaltijd ´s ochtends en ´s avonds bestaan uit brokken. Kies uit een betrouwbaar goed merk: Eukanuba, Fokker of Royal Canin hebben onze voorkeur. Let bij de keuze wel op het juiste type voer: afhankelijk van de grootte van de hond op volwassen leeftijd en de mate van actief zijn, zijn er verschillende voeders te verkrijgen. De Hollander kan in het algemeen als middelgrote hond worden beschouwd.

De derde en laatste maaltijd altijd diepvriesvoer geven vanwege het aanwezige vocht. Ook mag de hoeveelheid Hokamix worden opgevoerd tot twee schepjes of twee snacks per dag.

 

Vanaf negen maanden kan worden overgegaan op twee maaltijden per dag.

 

Ontwormen, inentingen, teken en vlooien.

Ontwormen moet iedere maand worden herhaald todat de pup zes maanden oud is. Daarna volstaat ieder halfjaar. Let op bij aanschaf van het ontwormmiddel, dat het een breed spectrum bevat, d.w.z. meerdere soorten wormen bestrijd. Neem bij twijfel contact met uw dierenarts op.

 

De pup wordt ingeënt aan de nieuwe eigenaar overgedragen. Op negende en twaalfde levensweek moet de herhalingsinenting worden gehaald. Daarna is een jaarlijkse inenting nodig. Als u naar het buitenland gaat is een rabiësinenting verplicht. Tegenwoordig zijn deze drie jaren geldig, maar sommige landen eisen een jaarlijkse inenting. Dit geldt onder andere voor de Scandinavische landen. Meer informatie kan uw dierenarts u verstrekken.

Gaat uw hond in pension dan is een inenting tegen kennelhoest verplicht. Deze inenting zit, net als de rabiësinenting, niet standaard in de inentingscocktail.

 

Behandel uw hond preventief regelmatig met antivlo middelen. In de handel zijn tevens middelen beschikbaar, die teken bestrijden. In bepaalde gebieden in Nederland komt een overdaad aan teken voor. Vervelend maar ook mogelijk gevaarlijk voor uw hond. Met een tekentang of een speciaal bestrijdingsmiddel in een klein spuitbusje kan een teek worden verwijderd.

 

Opvoeding van de pup

Vooral de periode van de zevende tot en met de twaalfde levensweek is essentieel voor de vorming van het gedrag van uw hond. Alle ervaringen en indrukken, positief en negatief, opgedaan in deze periode worden als het ware als een blauwdruk opgeslagen in het geheugen van de pup en kunnen op latere leeftijd niet meer worden afgeleerd. Van belang is het dus om dagelijks iets met de pup te ondernemen: mee op straat, naar de kinderboerderij, mee met de trein of de tram, in de auto, ontmoetingen met andere honden groot en klein. Het is van belang, dat de pup op zeer jonge leeftijd kennis maakt met zoveel mogelijk verschillend type honden. Maar ook met kinderen en volwassenen, anders dan de vertrouwde omgeving moet de pup in aanraking komen. Vraag kennissen en familie even aandacht te geven aan de pup, nadat zij een brokje of wat lekkers aan de pup hebben gegeven. De pup zal vreemden zo al snel beschouwen als aangenaam en niet iets om bang voor te zijn.

 

Hebt u in deze zo belangrijke periode geen tijd voor de pup, wacht dan met de aanschaf.

Ook kan vanaf een week of acht, begonnen worden met de puppytraining. Deze cursus is niet alleen leerzaam voor de pup, ook de eigenaar wordt vaak veel informatie gegeven over honden en de omgang met een pup. Pas wat u op de cursus leert ook dagelijks toe. Als de pup op de cursus niet aan de lijn mag trekken, tolereer dat dan ook niet bij de dagelijkse wandelingen. De pup zal het verschil niet kunnen maken, wanneer hij iets wel mag en wanneer iets niet. Dus geen sok om mee te spelen, als die sok er ook kan liggen om te worden gedragen. Maak duidelijk wat speeltjes zijn (let op vorm of kleur of soort voorwerp) en welke voorwerpen niet als speeltje mogen worden gebruikt.

 

Bij het aanleren van gewoontes, want dat is in hoofdlijnen het opvoeden van een hond, geldt: beloon het gewenste gedrag en negeer het ongewenste gedrag! Op z´n Engels positive reinforcement. Het gaat te ver om op de opvoeding van de pup diep in te gaan, maar zeker aan te raden is een aantal boeken over dit onderwerp. Zie hiervoor het onderwerp “boeken” op deze site.

 

Na de belangrijke leerfase tot en met twaalf weken volgt vaak een periode, dat de pup voor veel vertrouwde zaken ineens bang wordt. De overmoed die hem kenmerkte in de voorgaande periode maakt plaats voor een andere fase, waarin de pup zich een plaats moet zien te bemachtigen op de sociale en hiërarchische ladder. Negeer deze angst en beloon het vooral niet: “ ach, gut komt maar” of op de arm nemen. Geef de pup de tijd om zich te herstellen en geef hem vervolgens een beloning voor gewenst gedrag. Neem zelf de leiding: is een lantaarnpaal ineens eng, loop dan met de pup aan de lijn kordaat een aantal keren heen en weer. Rust, regelmaat en de tijd zullen deze (overigens normale) periode snel voorbij laten gaan.

 

Tien beste tips voor de opvoeding van de pup

Een nieuwe pup. Een klein schattig hoopje wol dat ieders hartje steelt. Zo lief, daar kan toch geen grote wolf in schuil gaan. Na enkele weken zie je dat deze schat toch een echte hond gaat worden. Van kleine pup tot volwassen hond gaat meestal niet zonder de nodige probleempjes.

Hierna volgen de tien beste tips om uw pup op te voeden tot een leuke hond.

1. Gewenning

De wereld van de pup verandert drastisch. Weg van zijn broers en zusjes, weg uit zijn vertrouwde omgeving. Nieuwe bazen, een nieuw huis, noem maar op. Niets is meer wat het was voor onze pup. Onze pup heeft even tijd nodig om alles te verkennen. Laat hem de eerste twee à drie dagen een beetje met rust. Nodig dus niet onmiddellijk al uw vrienden, buren en familie uit om te komen kijken,  maar laat de pup in zijn eigen tempo zijn nieuwe bazen en woonst leren kennen.

2. Zijn eigen plaats

Geef uw pup ook meteen een eigen plaats. Deze plaats noemen we de “veilige plaats”. Deze plek gebruikt de hond om te bekomen van emoties, om te vluchten van drukte en om te rusten. Respecteer deze plaats zodat de pup ook zelf kan bepalen wanneer het hem allemaal teveel wordt. Zijn veilige plaats kan een kussentje, een matje, een mandje of nog veel beter een kamerkennel (bench) zijn.  Zeker de bench is goed geschikt als veilige plaats omdat hij ook nog een ideaal hulpmiddel is voor zindelijkheidstraining of voor het alleen leren zijn kan worden gebruikt.

3. Zindelijkheid

Bij een juiste aanpak is je pup binnen enkele dagen tot weken perfect zindelijk. Neem hem mee naar buiten elke keer nadat de pup heeft geslapen, gegeten, gedronken of gespeeld. Wacht daar tot hij zijn behoefte doet en beloon hem net op het moment dat hij bezig is. Hierdoor leert de pup dat als hij buiten zijn behoefte doet, hij nog iets lekkers of iets leuks krijgt ook. Hij zal nu snel weten waar hij best kan gaan. ’s Nachts zet u de pup best in een kleine ruimte zoals een bench. Honden bevuilen hun eigen nest niet graag. In een kleine ruimte zal hij dus niet zo makkelijk zijn behoefte doen. Laat hem natuurlijk wel tijdig uit dit nest want een ongelukje is snel gebeurd. Zie verder onderdeel Zindelijkheidstraining verderop.

4. Sociale omgang

Tot de twaalfde levensweek zijn de pups het meest vatbaar om te leren. Alles wat ze in die periode zien, horen en meemaken, is goed voor de rest van hun leven. Laat de hond kennismaken met andere dieren, mensen, honden. Breng hem in veel verschillende situaties zoals in het verkeer, naar markten, … Kortom, alle situaties of plaatsen waar hij later misschien zou  kunnen komen, moet hij nu leren kennen.  Overdrijf hierin ook niet, overdrijven met sociale omgang aanleren, is al even erg als te weinig “socialiseren”  aanleren.

5. Alleen zijn

Naast sociale omgang moet de pup nu ook al leren alleen te zijn. Veel volwassen honden kunnen niet alleen zijn omdat ze als pup nooit de kans kregen om dat te leren. Ga eens enkele minuutjes weg zonder aandacht aan de pup te geven, zodat de pup alleen moet blijven (bvb. in de bench).  Zodra u terugkomt, geeft u hem een beloning.  De pup leert nu dat alleen zijn helemaal niet erg is, het levert hem zelfs wat op. Laat hem geleidelijk ook steeds langer alleen. Zie verder onderdeel Uw puppy alleen leren blijven verderop.

6. Spelen

Door te spelen met uw pup, creëert u een hechte baas/hond relatie. Maar laat uw pup nooit zomaar met iedereen en zeker niet met andere honden spelen, zonder dat hij daar iets voor hoefde te doen. Voorbeeld eerst mooi zitten en blijven en als beloning mag hij spelen met een andere hond. Doet u dit nu niet dan is de kans heel groot dat  uw hond later bij het zien van andere honden de leiband strak aantrekt om zo snel mogelijk bij zijn speelkameraad te raken. Grote honden zijn zo sterk dat u dan de lijn moet loslaten en uw hond totaal oncontroleerbaar gaat worden.

7. Opspringen

Niemand vindt het leuk dat een volwassen hond opspringt. Toch haalt bijna iedereen een opspringende pup aan. U mag niet vergeten dat uw pup later een springerige hond wordt als u hem aait wanneer hij tegen u opspringt. Laat hem veel liever een zithouding aannemen alvorens u hem aait. Als hij eerst leert dat opspringen geen aandacht oplevert, dan heeft hij later ook niet de behoefte om op te springen.

8. Regels

Stel van in het begin duidelijke regels op voor uw hond. Wat mag en wat mag er niet. Denk hierover goed na, want ooit wordt uw hond groot en volwassen, en ook dan gelden nog dezelfde regels. Zeker als er kleine kinderen in het gezin zijn, moeten er ook gezinsregels worden opgesteld en iedereen dient zich aan deze regels te houden. Honden houden van stabiliteit. Altijd dezelfde regels, daar voelen ze zich het best bij.

9. Basisoefeningen

Reeds vanaf de achtste levensweek kunt u de pup al stilaan enkele basisoefeningen aanleren zoals zitten, liggen, blijf in de mand en kom hier. Jong geleerd is oud gedaan. Overdrijf hierbij niet en leer alles op een belonende manier aan. Correcties bij het aanleren van oefeningen zijn uit den boze.

10. Hondenschool

Tot slot is het nu zeker het geschikte moment om op zoek te gaan naar een goede hondenschool. Zoek een school waar men op beloninggerichte wijze werkt  en waar ook de baasjes een degelijk theoretisch onderricht krijgen. De meeste scholen laten pups pas starten op een leeftijd van 3 à 4 maanden, maar in sommige scholen worden ook puppycursussen gegeven voor hondjes vanaf 7 weken. Deze cursussen zijn meestal echte aanraders omdat ze de beste leerperiode van de hondjes benutten, namelijk van 8 tot 12 weken.

 

Zindelijkheidstraining

De wijze van zindelijkheidstraining is door de jaren heen nogal veranderd.

In de kynologie heeft dit veel aandacht gekregen. Werd een pup vroeger nog met z´n neus in de urine gedrukt, tegenwoordig willen we deze manier van zindelijkheidstraining beslist niet meer.

Het snelste resultaat wordt bereikt, wanneer de pup na iedere maaltijd, steeds nadat hij is wakker geworden, na elk spelletje, even kort op een vaste plaats wordt uitgelaten. Al snel zal hij op die vaste plaats een plasje doen. Daarbij gaat u, zeker in het begin, uit uw dak en u beloont de pup uitbundig. Leg eventueel bij de deur een krant neer, de pup zal dan op een gegeven moment, in geval van nood daar de behoefte doen en u in een later stadium  aangeven dat hij naar buiten wil. ´s Avonds na de laatste korte wandeling gaat de pup in de bench.

Naarmate de pup ouder wordt, zal hij betere controle krijgen over de sluitspieren en kan hij zijn behoefte meer en meer ophouden. Maar soms kan een ongelukje gebeuren, het hoort er nu eenmaal bij.

Zeker in verstedelijkt gebied moet de eigenaar zakjes meenemen om uitwerpselen op te ruimen. Tolerantie en acceptatie van honden zal zeker toenemen, wanneer behalve dat uw hond vriendelijk is, uw buren en medebewoners zich niet hoeven te ergeren aan de uitwerpselen.

Reageer vooral niet boos als de pup iets in huis heeft gedaan, negeer hem en ruim de boel op. Gaat u een poosje het huis uit, doe de pup dan in de bench. Bij terugkomst zal er niets stuk zijn gebeten en u zult geen hoopje/plasje vinden. De eigen plek wordt immers zelden bevuild.

 

Uw puppy alleen leren blijven (bron: Domestic Dog Hondenschool)

Alleen achter blijven is voor een hond eigenlijk heel onnatuurlijk, het is een roedeldier en het liefst is hij altijd samen bij zijn roedel. Nu is dit alleen niet mogelijk in onze huidige manier van leven. En zal de hond wel eens alleen moeten blijven omdat u bijvoorbeeld boodschappen gaat doen, gaat werken of een avondje uitgaat.

Bij het aanleren van het alleen blijven is het belangrijk dat de hond leert dat u altijd weer terugkomt en dat hij in de tijd dat hij alleen is niet bang hoeft te zijn of zich verlaten hoeft te voelen.
Vroeger werd er nogal eens geadviseerd de kamer uit te lopen en de hond daar alleen achter te laten en als hij dan ging piepen of janken pas weer binnen te komen als hij stil was. Omdat hij anders zou leren dat z'n baas terugkwam als hij jankte of piepte. Dit is natuurlijk ook wel zo, alleen zodra u dat doet bent u niet meer bezig met het alleen blijven aan te leren maar met het piepen of janken niet te belonen; iets totaal anders dus! De hond leert er niet van rustig alleen te blijven met de wetenschap dat zijn baas altijd weer terugkomt.

Bij het alleen blijven moet u voorkomen dat de hond gaat piepen of janken, dit doet hij namelijk uit angst. Hij raakt in paniek omdat zijn baasje ineens verdwenen is en hij heeft al in het nest geleerd dat als je dan maar hard genoeg jankt zijn moeder direct aangesneld komt. En dus zal hij dat nu ook toepassen.

De pup moet stap voor stap leren dat alleen zijn niet eng is en dat zijn baas altijd terugkomt.
Zodra u de pup in huis krijgt, kunt u eigenlijk al direct beginnen met het alleen leren blijven. Dit doet u niet door gelijk vijf minuten de kamer uit te lopen en hem aan zijn lot over te laten, maar door regelmatig de kamer even in en uit te lopen. U gaat de deur uit en komt gelijk weer binnen. Dit kunt u heel vaak herhalen op een dag. Zo leert de pup dat u wel eens even de deur uitloopt maar ook gelijk weer terugkomt. Op een gegeven moment zal hij er zelfs geen acht meer op slaan als u weer de deur uitloopt. En dat is het moment dat u de tijd dat u wegbent, kunt gaan verlengen. U loopt de deur uit en blijft een paar seconden op de gang staan en direct daarna komt u weer binnen. 

Als u weer binnenkomt, doe dan zo normaal mogelijk, maak er geen klein feestje van. Anders kan de pup erg gaan uitkijken naar het moment dat u weer binnenkomt en uit ongeduld al beginnen met blaffen. En per slot van rekening is het natuurlijk de normaalste zaak van de wereld dat u wel eens de deur uitgaat en weer binnenkomt, het stelt niks voor, en dat signaal moet u ook afgeven aan uw pup.

 

Zodra u een paar seconden op de gang kunt blijven, gaat u de tijd steeds stapje voor stapje verlengen. Eerst naar 10 seconden, dan 20 seconden, dan 30 seconden, enzovoorts. De eerste 10 minuten bouwt u zo heel langzaam op. Zodra de pup 10 minuten alleen kan zijn kunnen de tijdsprongen groter gemaakt worden. Eerst een kwartiertje... dan 20 minuten... dan 30 minuten... 45 minuten... enzovoorts.

Als u het op deze manier aanpakt, en dit kunt u de hele dag door blijven oefenen, dan kan de pup vaak al in een paar dagen een goed uur alleen zijn zonder problemen.
Het is daarom aan te raden om ervoor te zorgen dat er de eerste weken dat u de pup in huis hebt altijd iemand aanwezig is. Zo kunt u goed en op een hondvriendelijke manier het alleen blijven aanleren.

Nog wat extra tips om het allemaal goed te laten verlopen:

Zorg dat de pup iets te doen heeft als u dit met hem gaat oefenen. Geef hem bijvoorbeeld een lekker kauwbot of knaagstangetje voor u de deur uitloopt.

Zorg dat de pup goed uitgelaten is voor u hem alleen laat, hij moet lekker moe en tevreden zijn.

Ga dit niet oefenen als de pup bruist van de energie en heel druk is. Maar wacht tot hij wat rustiger is en bijvoorbeeld ergens ligt te rusten of eet/drinkt.

Als u een bench gebruikt zult u ook de pup eerst aan de bench moeten wennen nog voordat u de pup alleen gaat laten. Een bench kan een handig hulpmiddel zijn. Geef hem dagelijks z´n eten vanuit de bench en hij zal al snel de bench als zijn vertrouwde en beschermde omgeving beschouwen.

Het beste kun je de pup met z’n mandje of in de bench  naast je bed zetten zodat hij hoort en ruikt dat u er bent en zo zal hij zich op zijn gemak voelen. Na een week kunt u zijn mandje langzaam verplaatsen naar de plek die u voor hem in gedachte had.

 

De pupertijd

Net als bij mensen kent de hond een pubertijd. Veelal tussen de zesde en negende levensmaand. Vaak volgt er nog een tweede pubertijd tussen de 18e en 24e levensmaand. Teven zullen vaak in deze periode voor het eerst loops worden. Vroeger mocht gedurende de loopsheid vaak niet getraind worden. Tegenwoordig is dat geen enkel probleem meer en worden de reuen juist in zo´n situatie opgevoed. Immers in het dagelijkse leven komen de reuen ook een loopse teven tegen en dan moeten ze zich ook gedragen.

Net als bij de angstfase na de twaalfde levensweek is rust en regelmaat het adagio in deze periode. Vooral voor reuen is het belangrijk geen confrontaties aan te gaan. U hoeft zich niet te schamen om een confrontatie met een andere hond uit de weg te gaan. Op deze manier blijft de testosteronspiegel laag en zal de hond na deze fase nog steeds deze lage spiegel hebben. Uit onderzoek is gebleken dat honden, die in deze fase veel rangordestrijd zijn aangegaan, ook na de pubertijdsfase een hoger dan gemiddeld testosteronspiegel blijven houden met als gevolg meer dominantie en minder tolerantie naar mens en soortgenoten.

U als eigenaar en roedelleider maar ook uw kinderen moeten spelenderwijs aan de hond duidelijk maken wie de baas is, maar voorkom harde confrontaties. Beter is het om een aantal keren per dag, in een rustige omgeving zonder veel impulsen van buitenaf, de hond te roepen, voor u te laten zitten, te laten gaan liggen en zich door u laten betasten, waarna hij een beloning krijgt. Een andere dominantie handeling is de hond te laten zitten, terwijl u achter de hond gaat staan. Vervolgens houdt u uw beide handen met de duimen naar boven op de snuit van de hond en met uw duimen wrijft u van de punt van de neus naar de stop (overgang tussen snuit en schedel, daar waar de ogen zitten). In het begin zal hij het raar vinden of zelfs niet direct toelaten. Niets forceren, rustig opbouwen en meerdere keren per dag herhalen. Op deze wijze geeft u aan dat u de roedelleider bent en u bevestigt uw positie t.o.v. de hond.

Apporteren van voorwerpen is ook een goede oefening, maar alleen als de hond het commando “los” goed kent. Anders bestaat het gevaar dat u een strijd moet aangaan en dat is juist niet wenselijk in deze periode.

In de tweede pubertijdsfase wordt de eerste nog eens dunnetjes overgedaan. Deze periode duurt veel korter en is ook veel minder heftig. Vaak is het al voldoende, wanneer u uw roedelleiderschap bevestigt.

 

De volwassen Hollander

Een Hollander is pas laat volwassen, zo tegen het vierde levensjaar, zowel lichamelijk als geestelijk. Voordeel daarvan is dat hij ook lang speels en actief blijft. Porsche, die bijna tien is, speelt nog dagelijks met haar twee kleinkinderen, uitdagend en met veel enthousiasme.

Een gezonde Hollander, en dat zijn ze bijna allemaal, is actief, allert en heeft behoefte aan veel beweging. Dagelijks een blokje om zal leiden tot een inactieve hond, die zich wellicht niet weet te gedragen in huis of buiten. Neem hem mee naast de fiets, dagelijks of een paar keer per week. Het is niet alleen goed voor zijn spieropbouw maar ook wordt zijn omgeving groter en nieuwe luchtjes zijn altijd weer spannend.

Belangrijk is ook, wanneer uw hond volwassen is uw rol als roedelleider regelmatig te bevestigen. Doe trekspelletjes met de hond, maar laat hem niet winnen. Pas na afloop en dat moment bepaalt u, wordt het speeltje aan de hond gegeven.

Wanneer u met uw hond traint, G&G, speurhond of behendigheid zijn bij uitstek geschikt voor de langhaar, let dan vooral op voldoende variatie in de training, geef de hond veel beloning en stop tijdig als het goed is gedaan. De Hollander is intelligent en heeft een spelletje snel door. Wordt er te lang doorgetraind zonder veel afwisseling, dan zal hij zich snel gaan vervelen en tegendraads worden.

Geef de hond dagelijks wat te doen, speel met een bal, frisbee of verstop eens wat in huis en laat hem dat opzoeken. Zo blijft hij ook geestelijk actief. In de handel zijn speeltjes te koop waarin voer kan worden gedaan. Pas nadat de hond bepaalde handelingen heeft verricht, krijgt hij het voer als beloning.

Pas als de Hollander op gevorderde leeftijd is, zal met voeren rekening moeten worden gehouden. De spijsvertering gaat langzamer, zodat er wat minder gevoerd moet worden om te voorkomen dat hij te dik wordt. Ook kan het geen kwaad de hond wat te ontzien tijdens lange wandelingen. Neem hem tijdig aan de lijn, zodat de hond een soort cooling down ondergaat.

Ook zal een oudere hond meer behoefte hebben aan rust, laat hem lekker slapen. Om de ledematen soepel te houden is het raadzaam de hond dagelijks een tabletje met Glucosamine+Chondroïtine te geven, te verkrijgen bij de meeste drogisterijen.

 

Vachtverzorging

Een laatste aandachtspunt, dat zeker voor de langhaar van belang is. De langharige Hollander hoeft niet regelmatig in bad of onder de douche. Sterker nog, vaak is dit schadelijk voor de structuur van de vacht. Een harde wat stugge structuur leidt tot fors minder klitten dan een zijdezachte vacht. Ook de rasstandaard schrijft een harde vachtstructuur voor.

Mocht de hond in een vieze sloot hebben gezwommen of in vuiligheid hebben gerold dan kan het beste met een speciale hondenshampoo worden gewassen. Gebruik hiervan niet teveel.

 

Pups mogen wat vaker worden geborsteld als opvoedkundige handeling. Hou deze kort, als de pup de handeling zonder zich te onttrekken accepteert is dit meer dan voldoende.

 

Mijn volwassen honden worden slechts geborsteld tijdens de rui. Een zg. harkje biedt uitkomst om de losse ondervacht eruit te borstelen.

Als vaker wordt geborsteld buiten de rui om, krijgen nieuwe haren geen kans zich te ontwikkelen. Tevens zullen bestaande haren sneller loslaten met als gevolg dat de hond continue aan het verharen is.

Sommige honden bijten zichzelf veelvuldig. Soms continue, soms af en toe. Oorzaak kan zijn: huismijt, vlooien of een allergie. Soms kan het ook zijn dat de hond de brokken, die hij krijgt te eten slecht verdraagt. Stap eens over op een ander merk of schakel van brok over naar diepvriesvoer. Een droge of dorre vacht kan soms worden verholpen om door het voer een scheut zonnebloem olie te doen.

 

 
 
 
  Site Map